Automatische wifi-configuratie (WPS) mislukt

Als de automatische wifi-configuratie (WPS) op de ScanSnap mislukt, controleert u het volgende:

Is het draadloos toegangspunt ingeschakeld?

Schakel het draadloos toegangspunt in.

Controleer ook dat er geen fouten of storingen zijn op het draadloos toegangspunt.

Voor details over fouten van het draadloos toegangspunt, raadpleeg de handleiding van uw draadloos toegangspunt.

Ondersteunt het draadloze toegangspunt WPS (automatische configuratie)?

Als het draadloze toegangspunt WPS niet ondersteunt, configureert u de wifi-instellingen handmatig.

Om te controleren of het draadloze toegangspunt al dan niet WPS ondersteunt, raadpleegt u de handleidingen van het draadloze toegangspunt.

Hebt u de WPS-bewerking op tijd afgerond?

Configureer de wifi-instellingen opnieuw met WPS.

  • De drukknop gebruiken

    1. Druk op de WPS-knop op het draadloze toegangspunt.

    2. Binnen twee minuten nadat u stap 1 hebt uitgevoerd, drukt u op de knop [Volgende] in het scherm [WPS (knop)] op het aanraakscherm van de ScanSnap.

  • De PIN invoeren

    1. Voer de PIN-code voor het draadloze toegangspunt in zoals deze wordt weergegeven in [WPS (pin)] op het aanraakscherm van de ScanSnap.

    2. Binnen twee minuten nadat u stap 1 hebt uitgevoerd, drukt u op de knop [Volgende] in het scherm [WPS (pin)] op het aanraakscherm van de ScanSnap.

Als er meerdere draadloze toegangspunten wachten om met WPS te worden verbonden, kan de verbinding mislukken.

In dat geval wacht u even en configureert u de wifi-instellingen opnieuw met WPS. Configureer anders de Wifi-instellingen handmatig.

Hebt u enige instellingen voor machtiging van communicatie ingesteld op het draadloos toegangspunt?

Als de instellingen op het draadloos toegangspunt zijn geconfigureerd op onderstaande manieren, volg dan de overeenkomstige instructies.

  • Communicatie tussen draadloze apparaten is uitgeschakeld (bijvoorbeeld omwille van een scheidingsfunctie voor privacy of een poortscheidingsfunctie)

    Communicatie tussen draadloze apparaten en het draadloos toegangspunt inschakelen.

  • Wanneer de SSID verzending, zoals ANY-verbinding is uitgeschakeld

    Schakel de SSID verzending in op het draadloos toegangspunt. Configureer anders de Wifi-instellingen handmatig.

  • Wanneer de functie protocolfilter is geconfigureerd

    Configureer het protocol op het draadloos toegangspunt.

  • Wanneer de stealth-functie is geconfigureerd

    Schakel de stealth-functie uit en configureer daarna de Wifi-instellingen opnieuw door middel van de WPS-functie. Configureer anders de Wifi-instellingen handmatig.

  • Wanneer MAC-adresfiltering is geconfigureerd

    Stel het MAC-adres voor de ScanSnap in op het draadloos toegangspunt en configureer daarna opnieuw de Wifi-instellingen.

Bovendien kan het ingestelde kanaal worden gebruikt met een ander draadloos toegangspunt.

Wijzig in dit geval de waarde van het draadloze kanaal op het draadloos toegangspunt.

Voor details over de instellingen van het draadloos toegangspunt, raadpleeg de handleiding van uw draadloos toegangspunt.

Wordt WEP gebruikt als de versleutelingsmethode voor het draadloze toegangspunt?

Als WEP wordt gebruikt als de coderingsmethode voor het draadloze toegangspunt, wijzigt u de coderingsmethode en probeert u het daarna opnieuw.

Als u WPS (PIN) gebruikt, hebt u dan de juiste PIN ingevoerd?

Voer de PIN-code voor het draadloze toegangspunt correct in, zoals deze wordt weergegeven in [WPS (pin)] op het aanraakscherm van de ScanSnap.

Raadpleeg de handleidingen van het draadloze toegangspunt voor meer informatie over het invoeren van de PIN.

Bevinden de ScanSnap en het draadloze toegangspunt zich ver van elkaar? En, is er iets dat het signaal kan blokkeren (zoals muren en metalen wanden) of een elektromagnetische bron?

Het signaal tussen het draadloos toegangspunt en de ScanSnap is zwak of er is misschien signaalstoring.

Controleer, op het aanraakscherm van de ScanSnap, de signaalstatus met het pictogram dat boven aan het startscherm wordt weergegeven.

Pictogram

Signaalstatus

Signaalsterkte (Sterk)

Signaalsterkte: Sterk

Signaalsterkte (Gemiddeld)

Signaalsterkte: Gemiddeld

Signaalsterkte (Zwak)

Signaalsterkte: Zwak

Geen signaal

Geen signaal

Zoeken/Niet opgegeven

Zoeken naar een draadloos toegangspunt/Geen draadloos toegangspunt opgegeven

Controleer de signaalstatus door middel van ScanSnap Wireless Setup Tool.

Voor details, raadpleeg de Help voor ScanSnap Wireless Setup Tool.

Voor details over het starten van ScanSnap Wireless Setup Tool, raadpleeg De wifi-instellingen configureren.

Als de signaalstatus niet goed is, zet de ScanSnap en het draadloos toegangspunt dan op andere plaatsen.

  • Zet de ScanSnap dichter bij het draadloos toegangspunt.

  • Verplaats de ScanSnap en het draadloos toegangspunt uit de buurt van volgende items:

    • Obstakels die het signaal kunnen blokkeren (bijvoorbeeld muren en metalen wanden)
    • Apparaten die signaalstoring kunnen veroorzaken (bijvoorbeeld microgolfovens en draadloze telefoons) en draadloze apparaten
  • Wijzig de richting van de ScanSnap.

TIP
  • Zelfs wanneer de signaalstatus goed is, kan de communicatie binnen het bereik van een bepaalde frequentie in bepaalde draadloze kanalen zwak worden, omwille van signaalstoring zoals ruis.

    Wanneer u zich op een plaats bevindt waar 5 GHz Wifi beschikbaar is, selecteer dan niet [Automatisch] voor de frequentie om de ScanSnap te verbinden. Selecteer [2,4 GHz] of [5 GHz] afhankelijk van waar u de ScanSnap gebruikt.

    Voor details, raadpleeg De frequentie voor het verbinden van de ScanSnap wijzigen.

    Wijzig de waarde van het draadloze kanaal op het draadloos toegangspunt indien nodig.

    Voor details, raadpleeg de handleiding van uw draadloos toegangspunt.

Ook kan de communicatie in bepaalde draadloze kanalen onstabiel worden als gevolg van signaalstoring zoals ruis.

Wijzig de waarde van het draadloze kanaal op het draadloos toegangspunt.